Figuren Age 1 (droog)

Onderstaande filmpjes en omschrijvingen zijn de leidraad voor uitvoering en beoordeling van de figuren Age 1 voor het droge gedeelte van de wedstrijdserie. Je kunt hier ook het Handboek Age 1 figuren (droog) voor officials en coaches downloaden.

Age 1 – gestrekt balletbeen
OmschrijvingAandachtspunten
Begin met gestrekte ligging op de rug.
– Lichaam gestrekt.
– Hoofd (vooral de oren), heupen en
enkels in één lijn.
– Geeft de indruk dat het lichaam
maximaal horizontaal gestrekt is.
Vanuit een gestrekte ligging op de rug wordt één been gestrekt omhoog gebracht tot een balletbeenhouding.– Beide benen volledig gestrekt
gedurende de gehele beweging.
Balletbeenhouding.
– Lichaam in gestrekte ligging op de rug.
– Eén been gestrekt loodrecht op de vloer.
– Hoek van 90° tussen gestrekte been en vloer.
– Hoek van romp en balletbeen 90°.
– Oor, schouder, heup en enkel van
horizontale been in een horizontale lijn.
Van balletbeen naar gestrekte ligging op de rug.
– Vanuit een balletbeenhouding wordt het balletbeen gebogen, zonder beweging van het dijbeen naar een gebogen kniehouding op de rug.
– De teen van het gebogen been wordt langs de binnenzijde van het gestrekte been bewogen tot gestrekte ligging op de rug.
– De plaats van het dijbeen blijft constant terwijl de gebogen kniehouding wordt aangenomen.
– Volledige gestrektheid in de gestrekte ligging op de rug totdat de voeten naast elkaar liggen.
Gebogen kniehouding op de rug.
– Het lichaam in gestrekte ligging op de rug.
– Eén been is gebogen, met de teen van het gebogen been tegen de binnenkant van het gestrekte been.
– Het dijbeen van het gebogen been is evenwijdig aan de vloer.
– De teen van het gebogen been ten opzichte van het gestrekte been mag zijn waar nodig, zodat het dijbeen loodrecht staat. Eenmaal ingenomen plaats moet gehandhaafd blijven en niet achter het been.
– In gestrekte ligging op de rug zijn oor, schouder, heup en enkel op een zo horizontaal mogelijke lijn.
– Een hoek van 90° tussen het bovenbeen en de vloer en 90° tussen bovenbeen en romp.
Age 1 – barracuda
OmschrijvingAandachtspunten
Begin met gestrekte ligging op de rug, met de handen boven het hoofd.
– Lichaam gestrekt.
– Hoofd (vooral de oren), heupen en enkels in één lijn.
– Geeft de indruk dat het lichaam maximaal horizontaal gestrekt is.
De benen en de romp komen omhoog, tot de gehoekte houding achterover.
– Het lichaam vormt bij de heupen een scherpe hoek van 45° of minder.
– Benen tegen elkaar en gestrekt.
– Romp gestrekt met rechte rug en het hoofd in één lijn.
– Handen zijn bij de enkels.
– De benen verticaal.
– Borst zo dicht mogelijk bij de benen, terwijl de rechte lijn van de wervelkolom en hoofd gehandhaafd blijft.
– Volledige strekking van benen, enkels en voeten.
– Rug gestrekt met oor, schouder, midden rompzijde en heup in één lijn.
– Als eenmaal de positie is ingenomen blijft deze hoek gehandhaafd.
Maak een Thrust.
– Vanuit een gehoekte houding achterover met de benen loodrecht wordt een snelle opwaartse beweging gemaakt.
– Benen en heupen gaan verticaal naar boven, terwijl het lichaam afrolt tot verticale houding in kaarspositie.
– Het is een snelle beweging.
– Minimale afwijking van de benen in de verticale lijn.
– Stabiliteit direct bij het bereiken van de verticale houding.
– Lichaam volledig gestrekt, met romp, heup en enkels in één lijn.
Verticale houding.
– Het lichaam gestrekt, loodrecht op de vloer.
– Benen tegen elkaar.
– De verticale houding wordt zo lang aangehouden dat stabiliteit en controle zichtbaar is.
– In de verticale houding is het lichaam volledig gestrekt, met romp, heup en enkels in één lijn.
Age 1 – kiep
OmschrijvingAandachtspunten
Begin met gestrekte ligging op de rug.
– Lichaam gestrekt.
– Hoofd (vooral de oren), heupen en enkels in één lijn.
– Geeft de indruk dat het lichaam maximaal horizontaal gestrekt is.
Vanuit een gestrekte ligging op de rug worden de knieën en tenen, met de schenen horizontaal, bewogen tot gehurkte houding.– Benen worden richting de borst ingetrokken om een compacte gehurkte houding aan te nemen.
– Eénmaal de beweging ingezet blijft deze doorgaan in een gelijkmatig tempo.
– Lichaam zo klein mogelijk, rug gekromd en benen tegen elkaar.
– Hielen zo dicht mogelijk bij het zitvlak.
– Hoofd zo dicht mogelijk bij de knieën.
In een doorgaande beweging wordt de gehurkte houding nog compacter, terwijl het lichaam een gedeeltelijke salto achterover gehurkt maakt totdat de onderbenen loodrecht op de vloer staan.– De kwart salto is beëindigd als de schenen loodrecht op de waterspiegel staan.
– Tijdens deze beweging blijft de gehurkte houding compact.
De romp wordt afgerold, terwijl de benen worden gestrekt tot verticale houding in kaarspositie.– Minimale afwijking van de benen in de verticale lijn.
– Stabiliteit direct bij het bereiken van de verticale houding.
– Lichaam volledig gestrekt, met romp, heup en enkel in één lijn.
– Heupen moeten zich op één horizontale lijn bevinden.
Verticale houding.
– Het lichaam gestrekt, loodrecht op de vloer.
– Benen tegen elkaar.
– De verticale houding wordt zo lang aangehouden dat stabiliteit en controle zichtbaar is.
– In de verticale houding is het lichaam volledig gestrekt, met romp, heup en enkels in één lijn.
Age 1 – waterdruppel
OmschrijvingAandachtspunten
Begin in de gehoekte houding voorover.
– Het lichaam vormt bij de heupen een hoek van 90°.
– Benen tegen elkaar en gestrekt.
– Romp gestrekt met rechte rug.
– Schouders in één lijn met de heupen.
– Hoek moet precies 90° zijn.
– Volledig gestrekte benen, met enkel en heup op één lijn.
– Rug gestrekt met verticale lijn door schouder, midden door de rompzijde en heup. Als eenmaal de houding is aangenomen dan blijft deze hoek gehandhaafd.
Terwijl één been langs het andere been wordt ingetrokken, wordt het lichaam gestrekt tot verticaal gebogen kniehouding in kaarspositie.– Tijdens het optillen van de benen naar verticaal gebogen kniehouding blijft de romp in de verticale lijn.
– De verticaal gebogen kniehouding wordt zo lang aangehouden dat stabiliteit en controle zichtbaar is.
– In de verticaal gebogen kniehouding is het lichaam volledig gestrekt, met romp, heup en enkel van het gestrekte been in één lijn.