Figuren junioren (droog)

Onderstaande filmpjes en omschrijvingen zijn de leidraad voor uitvoering en beoordeling van de figuren junioren voor het droge gedeelte van de wedstrijdserie. Je kunt hier ook het Handboek Junioren figuren (droog) voor officials en coaches downloaden.

barracuda split
OmschrijvingAandachtspunten
Begin met gestrekte ligging op de rug, met de handen boven het hoofd.
– Lichaam gestrekt.
– Hoofd (vooral de oren), heupen en enkels in één lijn.
– Geeft de indruk dat het lichaam maximaal horizontaal gestrekt is.
De benen en de romp komen omhoog, tot de gehoekte houding achterover.
– Het lichaam vormt bij de heupen een scherpe hoek van 45° of minder.
– Benen tegen elkaar en gestrekt.
– Romp gestrekt met rechte rug en het hoofd in één lijn.
– Handen zijn bij de enkels.
– De benen verticaal.
– Borst zo dicht mogelijk bij de benen, terwijl de rechte lijn van de wervelkolom en hoofd gehandhaafd blijft.
– Volledige strekking van benen, enkels en voeten.
– Rug gestrekt met oor, schouder, midden rompzijde en heup in één lijn.
Als eenmaal de positie is ingenomen blijft deze hoek gehandhaafd.
Maak een Thrust.
– Vanuit een gehoekte houding achterover met de benen loodrecht wordt een snelle opwaartse beweging gemaakt.
– Benen en heupen gaan verticaal naar boven, terwijl het lichaam afrolt tot verticale houding in kaarspositie.
– Het is een snelle beweging.
– Minimale afwijking van de benen in de verticale lijn.
– Stabiliteit direct bij het bereiken van de verticale houding.
– Lichaam volledig gestrekt, met romp, heup en enkels in één lijn.
De benen worden snel symmetrisch gespreid tot spagaathouding.
– Benen symmetrisch voor- en achterwaarts gespreid.
– De benen parallel aan de vloer.
– Onderrug holgetrokken met heupen, schouders en hoofd in een verticale lijn.
Een 180° hoek tussen de gestrekte benen (platte split) met de binnenkant van ieder been aan de tegenovergestelde kant van een horizontale lijn, ongeacht de hoogte van de heupen.
– De beweging is snel.
– Platte split.
– De heupen op een horizontale lijn.
– Schouders op een horizontale lijnen deze twee lijnen “recht” en parallel ten opzichte van elkaar.
De benen worden snel aangesloten tot verticale houding. – Lichaam volledig gestrekt, met romp, heup en enkels in één lijn.
– Volledige controle en stabiliteit.
bruinvis
OmschrijvingAandachtspunten
Begin in de gehoekte houding voorover.
– Het lichaam vormt bij de heupen een hoek van 90°.
– Benen tegen elkaar en gestrekt.
– Romp gestrekt met rechte rug schouders in één lijn met de heupen.
– Hoek moet precies 90° zijn.
– Volledig gestrekte benen, met enkel en heup op één lijn.
– Rug gestrekt met verticale lijn door schouder, midden door de rompzijde en heup. Als eenmaal de houding is aangenomen dan blijft deze hoek gehandhaafd.
De benen worden omhoog gebracht tot verticale houding in kaarspositie.– Tijdens het optillen van de benen naar verticale houding blijft de romp in de verticale lijn.
– De verticale houding wordt zo lang aangehouden dat stabiliteit en controle zichtbaar is.
– In de verticale houding is het lichaam volledig gestrekt, met romp, heup en enkels in één lijn.
london
OmschrijvingAandachtspunten
Begin met gestrekte ligging op de rug.
– Lichaam gestrekt.
– Hoofd (vooral de oren), heupen en enkels in één lijn.
– Geeft de indruk dat het lichaam maximaal horizontaal gestrekt is.
Het aannemen van een balletbeen.
Eén been blijft gedurende de gehele beweging op de vloer.
– De voet van het andere been wordt langs de binnenzijde van het gestrekte been ingetrokken tot gebogen kniehouding.
– De knie wordt, zonder beweging van het dijbeen, gestrekt tot balletbeenhouding.
– Het lichaam in gestrekte ligging op de rug.
– Het dijbeen van het gebogen been is evenwijdig aan de vloer.
– De teen van het gebogen been blijft in contact met de binnenkant van het gestrekte been. Positie zolang aanhouden dat accuraatheid en controle zichtbaar is.
– De beweging wordt in een gelijkmatig tempo uitgevoerd.
Een gedeeltelijke salto achterover gehurkt wordt uitgevoerd, terwijl beide benen worden ingetrokken in een gehurkte houding, totdat de schenen loodrecht ten opzichte van de vloer staan.– Lichaam zo klein mogelijk, rug gekromd en benen tegen elkaar.
– Hielen zo dicht mogelijk bij het zitvlak.
– Hoofd zo dicht mogelijk bij de knieën.
De romp wordt afgerold, terwijl de benen worden gestrekt tot verticale houding in kaarspositie midden tussen de voormalige verticale lijn door de heupen en die door het hoofd en schenen.– Duidelijke stabiliteit en controle.
– Minimale afwijking van de benen in de verticale lijn.
– Stabiliteit direct bij het bereiken van de verticale houding.
– Lichaam volledig gestrekt, met romp, heup en enkel in één lijn.
Heupen moeten zich op één horizontale lijn bevinden.
kiepswirl
OmschrijvingAandachtspunten
Begin met gestrekte ligging op de rug.
– Lichaam gestrekt.
– Hoofd (vooral de oren), heupen en enkels in één lijn.
– Geeft de indruk dat het lichaam maximaal horizontaal gestrekt is.
Vanuit een gestrekte ligging op de rug worden de knieën en tenen, met de schenen horizontaal, bewogen tot gehurkte houding.– Benen worden richting de borst ingetrokken om een compacte gehurkte houding aan te nemen.
– Eénmaal de beweging ingezet blijft deze doorgaan in een gelijkmatig tempo.
– Lichaam zo klein mogelijk, rug gekromd en benen tegen elkaar.
– Hielen zo dicht mogelijk bij het zitvlak.
– Hoofd zo dicht mogelijk bij de knieën.
In een doorgaande beweging wordt de gehurkte houding nog compacter, terwijl het lichaam een gedeeltelijke salto achterover gehurkt maakt totdat de onderbenen loodrecht op de vloer staan.– De kwart salto is beëindigd als de schenen loodrecht op de waterspiegel staan.
– Tijdens deze beweging blijft de gehurkte houding compact.
De romp wordt afgerold, en terwijl de benen worden gestrekt tot verticale houding in kaarspositie.– Minimale afwijking van de benen in de verticale lijn.
– Stabiliteit direct bij het bereiken van de verticale houding.
– Lichaam volledig gestrekt, met romp, heup en enkel in één lijn.
– Heupen moeten zich op één horizontale lijn bevinden.
De benen worden symmetrisch gespreid tot spagaathouding.– De afstand van beide benen tot de vloer blijft de gehele tijd gelijk.
– Benen volledig gestrekt.
– Platte split.
– De heupen op een horizontale lijn.
– Schouders op een horizontale lijn. En deze twee lijnen “recht” en parallel ten opzichte van elkaar.
De benen worden in een snelle beweging omhoog gebracht tot verticale houding in kaarspositie.– Minimale afwijking van de benen in de verticale lijn.
– Stabiliteit direct bij het bereiken van de verticale houding.
– Lichaam volledig gestrekt, met romp, heup en enkel in één lijn.
– Heupen moeten zich op één horizontale lijn bevinden.